Heeft u uw
financiŽle zaken
op orde?

Lees de checklist

Intermedis A & A

Fiscus heeft kleintjes in vizier

Geplaatst op: 27-02-2017, 12:01:08

Spullen verkopen via Marktplaats, de auto verhuren of je huis verhuren: Nederlanders hebben het handelen via internet massaal omarmd. De Belastingdienst heeft dit ook gezien en pikt graag een graantje mee. En nee, dat maakt de fiscus niet makkelijker.

„Voor de inkomstenbelasting wil de fiscus weten of je ondernemer bent. Of bij meer incidentele inkomsten, ’resultaatgenieter’.

In beide gevallen worden de inkomsten belast en ben je in de volksmond ondernemer. Dat is altijd zo geweest”, zegt Marnix Veldhuijzen, fiscalist bij Baker & McKenzie.

„Nieuw is dat in het internettijdperk veel meer mensen kans lopen ondernemer te zijn.” Maaltijden verkopen via Thuisafgehaald, het zou zomaar kunnen dat je zo al hobbyend het ondernemerschap inrolt.

Vandaar dat de Belastingdienst nog niet zolang geleden een pagina in het leven riep die gewijd is aan internet- en deeleconomie, ook al bestaan de fiscale regels voor klein ondernemerschap al lang.

Daar kom je erachter dat je bij verhuur van de eigen woning in ieder geval 70% van de huurinkomsten, minus de daarvoor gemaakte kosten, moet opgeven in Box 1 als inkomen uit werk en woning. Dat heeft overigens niets te maken met ondernemerschap, wel met de hypotheekrenteaftrek.

„Net als het eigen woningforfait (fictief inkomen uit woning gebaseerd op de WOZ-waarde, red.) worden huuropbrengsten in mindering gebracht op de hypotheekrenteaftrek”, legt Veldhuijzen uit.

Daarnaast kan de verhuur van je huis uitlopen op ondernemerschap als je aanvullende diensten verricht. Bijvoorbeeld als je ontbijt voor gasten klaarmaakt en met hen in je kielzog door de stad sjouwt. In dat geval moet je álle verhuurinkomsten opgeven. Dat geldt ook bij de verhuur van spullen via Peerby of van de auto met SnappCar. Wat ook telt is of je winst wil maken met de activiteit, hoe vaak je die uitvoert en hoe hoog de vergoeding is.

Is de grens tussen particulier en ondernemer hiermee duidelijk? „Nee”, zegt Veldhuijzen. „Je moet zelf aanvoelen of je aan het ondernemen bent. Zolang het geld kost, ben je waarschijnlijk aan het hobbyen. Zodra het wat opbrengt, kan het ondernemen worden.” Je voorkomt een navordering door die grens in de gaten houden en daarbij te onthouden dat tegenprestaties in natura ook vergoedingen zijn. Wie voor de lol een Instagram-account begint en op een gegeven moment spullen toegestuurd krijgt, is misschien aan het ondernemen. Ook al vond je het altijd al leuk om foto’s te maken, „het is arbeid die uitmondt in inkomen”, aldus Veldhuijzen.

Voor de Belastingdienst is dit ook niet makkelijk, bleek eind 2016, toen de NOS een interne memo publiceerde. „Moet de thuiskok die vier keer per jaar zijn woonkeuken openstelt als thuisrestaurant als ondernemer worden gezien? En wat als dit niet vier keer maar 24 keer is?” vroeg de fiscus zich af. Daarom benadrukt de dienst dat individuele omstandigheden bepalen of je ondernemer bent. „Op onze website geven we particulieren houvast, maar het is heel moeilijk om hier in algemene zin iets over te zeggen”, aldus Daphne van Kollenburg, woordvoerder van het ministerie van Financiën.

„De website over interneteconomie vind ik heel duidelijk”, zegt Koen Frenken, hoogleraar innovatiewetenschappen aan de Universiteit Utrecht. „Punt is alleen dat inkomsten vaak niet worden opgegeven, een probleem van alle tijden. Schoonmaken en bijles geven, gebeurde vroeger ook zwart, met internetplatforms kunnen die sectoren wel witter worden.” Op een platform ben je immers zichtbaar, maar vooralsnog staan techbedrijven niet te springen om informatie te delen en moet de Belastingdienst bijbeunende burgers zelf traceren. Een hels karwei, bleek uit de interne stukken. „De toename van het aantal kleine ondernemers brengt uitvoeringskosten met zich mee, terwijl er nauwelijks inkomsten tegenover staan.”

De Belgische fiscus zei afgelopen week met speciale software ’systematisch te gaan speuren’ naar huizenverhuurders die zijn ’vergeten’ hun opbrengsten op te geven. In 2016 verdienden 31.000 Nederlandse Airbnb-verhuurders gemiddeld €3000. De Belastingdienst wil niet veel kwijt over hoe deze mensen gecontroleerd worden. „Het toezicht op inkomsten uit verhuur van de eigen woning loopt mee in het reguliere toezicht”, zegt Van Kollenburg.

Volgens Frenken doet de fiscus er goed aan geen onderscheid te maken tussen activiteiten via internet en daarbuiten, zoals in België. Daar betalen burgers 10% belasting tot €5000 aan inkomsten uit de deeleconomie, met uitzondering van Airbnb. Daarmee heeft de schoonmaker die keurig zijn inkomsten opgeeft en een briefje in de supermarkt ophangt, het nakijken. „Voor dezelfde activiteit buiten een internetplatform, betaal je meer belasting.”

Bron: column van Lorraine Marlisa op www.dft.nl van 25 februari 2017

Ga terug naar de vorige pagina